Bouwpromotor tegen burgeractivist (2021)
Het vonnis in de zaak Aannemingen Janssen NV t. Erik Vanobbergen behandelt de vordering door een bouwpromotor tegen een persoon die al diverse procedures had aangespannen tegen het verlenen van een stedenbouwkundige vergunning voor een groot sloop- en bouwproject door de aannemer. In een eerste procedure gericht tegen de negatieve publiciteitscampagne die de burgeractivist en zijn medestanders voerden tegen het bouwproject, was het tot een dading gekomen, waarin de burgeractivist er zich contractueel toe verbond geen nieuwe procedures tegen het bouwproject aan te spannen. Toen korte tijd later dezelfde burgeractivist in een open brief een oproep lanceerde om van het bouwproject af te zien, dagvaardde Aannemingen Janssen NV Vanobbergen de burgeractivist. In de dagvaarding werd gedreigd met een schadevergoeding van meerdere honderdduizenden euro. Tevens werd een dwangsom geëist van 50.000 euro per nieuwe inbreuk op de dading. Een vonnis van de rechtbank van Antwerpen van 4 november 2020 maakt evenwel duidelijk dat de dadingsovereenkomst geenszins een beperking oplegde aan de burgeractivist om tegen het bouwproject actie te voeren of daarover zijn mening te uiten: het laten publiceren van een open brief in de media kon immers niet gelijk gesteld worden met het instellen van een juridische procedure. De vordering van Janssen NV werd daarom afgewezen, en bovendien werd eiser veroordeeld wegens tergend en roekeloos geding. Volgens de rechtbank was het duidelijk dat eiser de onderhavige procedure enkel heeft opgestart om de burgeractivist “onder druk te zetten om in de toekomst geen negatieve uitlatingen aangaande het project meer te uiten”, met verwijzing naar de dreiging in de inleidende dagvaarding van een schadevergoeding “van meerdere honderden duizenden euro’s” en een “ontieglijk hoge dwangsom van maar liefst 50.000 euros, per dag per inbreuk”. Een dergelijke proceshouding strookt helemaal niet met wat mag verwacht worden van een “normaal zorgvuldige en vooruitziende en procespartij”, reden waarom de eiser in dit geding werd veroordeeld tot 1.000 euro schadevergoeding wegens tergend en roekeloos geding.
Zie ook www.apache.be/2021/05/05/rechtbank-verwerpt-intimidatie-van-actiegroep-door-projectontwikkelaar/.